Home Voor wie? Kinderen en Ouders Medische behandeling

Medewerkers



 

Patiëntenorganisatie Transvisie
T: 020 - 20 50 914
(werkdagen 13-17u) 
E: secretariaat@transvisie.nu

 

Postadres & bezoekadres:
Rhijnspoorplein 26
1018 TX Amsterdam

 

Donaties en betalingen
naar Stichting Transvisie
rekeningnr 121692183
Rabobank te Amsterdam
Swift: RABONL2U
IBAN: NL43RABO0121692183

 

Zorginstelling
aanbevolen door

patiëntenorganisatie Transvisie:

 

Transvisie Zorg

Psychosociale en maatschappelijke
hulpverlening bij genderdysforie

www.transvisiezorg.nl

 



 

Website

Als je vragen of opmerkingen hebt over onze website, neem dan contact op met de webmaster.  

Medische behandeling

Nederland is vooralsnog het enige land ter wereld waar genderkinderen vroeg behandeld kunnen worden. Er zijn twee genderteams: bij het VU Medisch Centrum in Amsterdam en bij het UMC in Groningen. Alleen het genderteam in Amsterdam behandelt genderkinderen; het genderteam in Groningen dus niet.

 

Genderteam VUmc

 

Het genderteam van het VUmc is een onderdeel van de afdeling Endocrinologie. Het bestaat o.a. uit psychologen en een endocrinoloog (hormoonarts). De mensen die zich aanmelden bij het genderteam van het VUmc variëren van 3 tot zo´n 70 jaar. 
De meeste psychologen zien zowel kinderen als volwassenen. Maar het aantal psychologen dat met kinderen werkt, is beperkt. Aan het genderteam is ook een kinder- en jeugdpsychiater verbonden die alle pubers ziet. Doordat er gewerkt wordt in een groter geheel, is er uitwisseling van kennis en ervaring mogelijk.

Diagnostische faset

Het genderteam van het VUmc heeft een wachtlijst, die op dit moment ongeveer 8 tot 12 maanden is. Als u met uw een kind voor het eerst bij het VUmc komt, krijgt u eerst een intakegesprek. 

In de diagnostische fase zijn er meerdere gesprekken met de ouders. Deze gesprekken zijn soms met u allemaal, en soms alleen met uw kind. Bij uw kind worden testen afgenomen; u zelf krijgt ook diverse vragenlijsten in te vullen. Bij (zeer) jonge kinderen wordt gespeeld en getekend om een indruk te krijgen van hun belevingswereld.

In deze fase krijgen u en uw kind te maken met verschillende hulpverleners, en soms ook met studenten. Degene waar u het eerste intakegesprek mee heeft gehad, is de coördinator van de hele procedure. Als u tijdens deze fase vragen heeft, dan kunt u deze persoon aanspreken.

Het diagnostiseren van kinderen is een vak apart en wordt door getrainde mensen gedaan. Daardoor kan er binnen het VUmc een wachttijd voor die testen zijn. Gevolg is dat de intakeprocedure soms lang duurt. Omdat dit een fase is waarin er voor het kind en de ouders vaak een hoop onrust is, kan dit heel vervelend zijn.

Zorgvuldigheid

De hele intake neemt ongeveer 5 maanden in beslag. De intakeprocedure is om een aantal redenen heel zorgvuldig. Natuurlijk voor onze kinderen. Zij staan op een ingewikkelde manier in het leven, die voor veel problemen kan zorgen. Om die reden is het goed dat er zorgvuldig gekeken wordt naar het hele kind. 
Wat zijn de sterke en zwakke kanten van dit kind? Hoe reageert de omgeving erop? Hoe gaat het op school? Hoe is de opvang in het gezin en in de verdere familie? Zijn er nog andere zaken aan de hand, bijv. een depressie, ADHD of problemen met leren?

Daarnaast roept de begeleiding van onze kinderen in de buitenwereld heel veel vragen en kritiek op. Ook in de politiek worden er regelmatig vragen gesteld. Wil het VUmc ook op langere termijn kunnen blijven werken met onze kinderen, dan kan dat alleen als deze kritiek weerlegd kan worden. Daarom moet het VUmc kunnen aantonen dat zij zorgvuldig werken.

Onderzoek

Wereldwijd is er nog niet veel ervaring met de behandeling van genderkinderen, zeker niet van jongere kinderen. Het VUmc verzamelt daarom gegevens, zodat de aanpak in Nederland vergeleken kan worden met die in andere landen, zoals Canada. Op termijn ontstaat zo meer duidelijkheid over wat de beste aanpak is.

Adviesgesprek

Na de intakeprocedure volgt er een adviesgesprek met de ouders en het kind. Hierin worden de resultaten van de intake en de eventuele diagnose besproken. Als verdere begeleiding nodig is, wordt bekeken waar dat het beste kan gebeuren. 

Omdat de kinderen uit het hele land komen, kan niet iedereen op het VUmc zelf behandeld worden. Vaak zal daarom een hulpverlener in de directe omgeving van het kind worden uitgekozen. Daarvoor heeft het VUmc een aantal contacten verspreid over Nederland. 
Maar dat is natuurlijk niet voldoende. Daarom het verzoek: als u goede ervaringen heeft met (een) hulpverlener(s), geef het dan door aan het VUmc! Dan kunnen zij het netwerk van geschikte hulpverleners in Nederland uitbreiden. Zonodig kan het team van het VUmc de hulpverlener(s) in de regio begeleiden.

Rolwisseling: ja of nee?

Eén van de zorgen bij het VUmc is de vroege rolwisseling, die soms plaats vindt. Soms hebben erg jonge kinderen al een andere naam en leven ze volledig in het andere geslacht. Het advies van het VUmc is om daar terughoudend in te zijn. Omdat een te vroege rolwisseling het kind te veel vastlegt in zijn/haar ontwikkeling, waardoor er geen weg terug meer is. Het blijkt namelijk dat 80% van onze kinderen uiteindelijk homoseksueel is! En dus niet transseksueel. Het advies van het VUmc is daarom om -zo mogelijk- te wachten tot het kind ongeveer 12 jaar is én bekend is bij het VUmc. Ook medisch psycholoog Peggy Cohen-Kettenis gaf dit advies al eerder. 

Toch roept dit advies bij Berdache allerlei vragen op. Ook wij vinden een leeftijd van 5 of 6 jaar wel erg vroeg om een volledige rolwisseling te maken. Maar er kunnen zeker goede redenen zijn om het kind juist wel te stimuleren om meer naar buiten te treden en meer zich zelf te zijn. En als er kinderen zijn die te snel gaan, dan zijn er ook kinderen die misschien veel meer naar buiten zouden moeten treden om zich gelukkig te voelen.

Daarom is het volgens ons maatwerk: soms stimuleren, soms remmen, soms laten gaan. Wij hebben te vaak gezien dat volkomen dichtgeklapte kinderen opbloeiden, toen ze meer konden laten zien wie ze eigenlijk waren.

Het lastige is dat het advies van hulpverleners altijd vanaf de zijlijn komt. Terwijl je als ouder er middenin zit, en daardoor een andere visie kunt hebben.

Kortom, er kunnen goede redenen zijn om een advies op te volgen. Maar er kunnen ook hele goede redenen zijn om dat juist niet te doen. Het belangrijkste is ons inziens de inschatting die je als ouder maakt wat voor jouw kind de beste weg is.